|
(f) Geboren 's morgens 3
uur, gedoopt 1 December 1793. Zi] testeerde bij notaris P. Muller te Leiden 27
Maart 1863; de boedelscheiding had plaats 24 Januari 1865. Zij woonde op de
Papegracht tusschen de Breedstraat en de Langebrug, wijk 4 n°. 366.
XIV. Frederik van Ketwich,
geboren te Zwolle 27 Maart 1752, overleden aldaar ongehuwd 18 Maart 1809. Hij
was deelhebber in de handelszaak "het Kantoor van Negotie" van zijn vader en
woonde aan de Groote Markt te Zwolle, met zijne zusters Emelia Johanna en
Berendina Hendrika. Hij is op 24 Maart 1809 's avonds om half elf uur in de
Michaelikerk groeve n°. 112 te Zwolle begraven, komt voor klokken- en kerkengerechtigheid
pf. 11-14 st. Hij is mede-ontwerper van eene regeling voor de verkiezingen van
provisioneele Representanten des Zwolschen Volks 3 September 1795, blz. 5, 27
en 29; in 1795 October, gecommitteerde van de Zwolsche burgers bij de regeling
van Zaken en 30 Januari 1796 secretaris van dit Collegie. (Bijdragen tot de
Geschiedenis van Overijssel door Van Doorninck e. a. II, biz. 19.) Op 21
Februari 1809 is een buitenlandsch paspoort afgegeven aan Cornelis van Ketwich
n°. XVII "van het kantoor van Negotie" van Berend Hendrik en Frederik van
Ketwich. Hij was geboren 27 Maart 1752, 's nachts om 2 uur; peet is zijn
grootvader Frederik Gosdey. Zijn gesloten en gezegeld testament dateert van 17
September 1803.
XV. Gerrit van Ketwich (a),
geboren te Zwolle io Juni 1755, overleden te Amsterdam in 1794, gehuwd te
Opheusden 25 Mei 1788 met Rolanda Hermina Holtkamp (b), geboren te Arnhem 24
November 1768, overleden te Zwolle 2 Augustus 1838, dochter van Hendrik Jan
Holtkamp en Sophia Catharina Bernard. (Zie n°. XII, noot c.) Uit dit huwelijk:
Gerhardina Susanna Maria (c), gedoopt te Amsterdam (Nieuwe Kerk) 27 Mei 1789,
overleden te Alkmaar 19 November 1847.
(a) Gedoopt 12 Juni 1755 in
de Groote Kerk; peet was Gerrit Tilburgh. Gerrit van Ketwich, zijn neef Abraham
van Ketwich en Dirk Jan Voombergh (zie n°. XII, noot a en c.) zijn de stichters
van het handelshuis "het Huys van Negotie van Ketwich en Voombergh" te
Amsterdam. Hij was reeder en koopman. Onder anderen verkreeg hij blijkens
Resolutie der Staten-Generaal der Vereenigde Nederlanden van Lunae 10 en 31
Januari 1780 een. Turksch paspoort (krachtens tractaten met de Barbarijsche
Staten op de Noordkust van Afrika werden de schepen van zulk een pas voorzien
en de Middellandsche Zee bevarende door de zeeroovers ongemoeid gelaten) voor
zijn schip "de Vrouw Hester", liggende te Toulon, gezagvoerder Schipper Jan
Grims. (Rijksarchief te 's-Gravenhage.)
(b) De huwelijksaangifte
had 2 Mei 1788 te Arnhem plaats namens de bruid door Abraham van Ketwich,
krachtens procuratie gepasseerd voor Burgemeester en Schepenen van Arnhem d.d.
15 April 1788. Haar huwelijk is 3 Mei 1788 afgekondigd in de Groote Kerk te
Arnhem. Abraham van Ketwich (n°. XII.) bezong dit huwelijk.
Zij hertrouwde (Gerrit van
Ketwich was in 1794 0verleden) in 1796 met Cornelis Fortuyn, geboren 6 Juni
1768, predikant der Hervormde Gemeente, het laatst te Zwolle, alwaar hij 27
Februari 1838 overleed. Fragment-genealogie Fortuyn sedert 1768 is aanwezig.
Hunne kinderen (halfzuster dezer was Gerhardina Susanna Maria van Ketwich)
waren: 1. Dr. Herbert Jan Fortuyn, medicinæ doctor te Zutphen, gehuwd met
Anthonia Anna Theodora Lulofs, dochter van Bernard Joost Lulofs, ontvanger der
directe belastingen te Zutphen en Anna Berends en aldaar kinderloos overleden
26 Januari 1852; 2. Hendrik Fortuyn, ongehuwd overleden; 3. Cornelis
Rolandus Herminus Fortuyn, ongehuwd overleden te Zwolle 21 Mei 1815; 4. Abraham
Fortuyn, notaris te Raalte en aldaar overleden 13 April 1856, gehuwd met
Petronella Rudolphina Jacoba Lulofs, dochter van Joha n, predikant te Meppel,
en Elisabeth Maria Cornelia de Orient Dreux, uit welk huwelijk 9 kinderen; 5.
Gerrit Bernard Fortuyn, koopman en zoutzieder, regent van het Huis der weezen,
enz, te Zwolle en aldaar overleden 11 Juni 1863, gehuwd met Wilhelmina Gesina
Cornelia Rietberg, dochter van Herman en Johanna van Loo te Zwolle,
(broeder van Lubbertus Rietberg, in 1787 schepen van Zwolle), uit welk huwelijk
8 kinderen; 6. Sophia Catharina Fortuyn, ongehuwd te Zwolle overleden 17 April
1881; .- Christina Hendrika Fortuyn, overleden te Zwolle 15 Juni 1861, gehuwd
met Nicolaas Pruimers, wijnkooper, zoon van den dichter, burger hopman, later
burgemeester Daniel Pruimers, uit welk huwelijk op 14 October 1835 is geboren
een zoon Daniel, overleden te Zwolle 31 Juli 1859, gehuwd met Johanna Theodora
baronesse van Dedem, geboren te Dalfsen 30 Juni 1835. Uit dit huwelijk één kind
Margaretha Daniela, geboren te Zwolle 17 April 1858, gehuwd op 23 Juli 1885 te
Zwolle met Henri Fedor Herman van Muyden, bankier te Lausanne, geboren te
Lausanne a Mei 1845. Ter herinnering aan dit zijn kleinkind stichtte haar
grootvader Nicolaas Pruimers de "Daniëlastichting" voor oude lieden bestemdte
Zwolle.
De familie Fortuyn is afkomstig
uit Noord-Holland. Te Alkmaar bestaat een fonds gesticht door Maartje Jacobsz
van den Hoorn, weduwe van Pieter Lammertsz. Fortuyn bij testament van 15
Augustus 1671 en vangemeentewege beheerd.
(c) Getuigen bij haar
doopwaren: Abraham van Ketwich en Susanna Maria Ruswurm. Zij huwde te Zwolle a5
Januari 1811 met Arend van Vloten, zoon van Eldert en Anna Maria Margaretha
Wolters, geboren te Zutphen 9 Mei 1784. Hij was predikant het laatst te Alkmaar
sedert 1826 en is aldaar overleden 29 Augustus 1838. Uit dit huwelijk: 1.
Eldert van Vloten, geboren te Windesheim 24 November 1811 en aldaar overieden
27 Juni 1812; 2. Gerrit Cornelis Rolandus van Vloten, geboren te Windesheim 23
Januari 1814, reeder en koopman, wonende te Alkmaar; hij huwt 4 Juli 1839 met
Maria Wilhelmina van Leeuwen, geboren te Alkmaar 2 October 1797, dochter van
Johannes, scheepsreeder, en Debora van Foreest. Zij overleed kinderloos te
Alkmaar 28 Maart 1856, hij verliet Alkmaar in 1857 en overleed te
Varsseveld, gemeente Wisch. 6 Januari 1863: 3. Eldert van Vloten, geboren te
Windesheim 13 Februari 1815, hij overleed ongehuwd in 1842 in militairen dienst
te Batavia; 4. Hendrik Jan van Vloten, geboren te Voorburg 18 December 1818 en
overleed kinderloos te Alkmaar 13 Februari 1862, hij was gehuwd met Catharina
Gerarda van Vloten, geboren te Amersfoort 7 April 1817, dochter van Johannes
Izaäk, directeur der posterijen aldaar, en Johanna Cornelia Schut. Zij overleed
kinderloos te Twello 24 Juli 1876; 5. Rolanda Hermina Cornelia Maria van
Vloten, geboren te Alkmaar 16 Maart 1828 en kinderloos overleden te Deventer 8
November 1885. Zij huwde te Alkmaar 26 Juli l849 met Dr. Jan Adriaan van
Ketwich Verschuur (nº. XXIII.), geboren te Zwolle 15 Augustus 1821, zoon
van Johannes van Ketwich en Gezina Berendina Zebinden, hij was tot 1870 med. doctor
te Deventer, daarna secretaris van den Geneeskundigen Raad in Overijssel en
Drenthe, districtsschoolopziener, curator van het gymnasium, enz. te Deventer
en overleed aldaar 6 Juli 1882. Fragment-genealogie "Van Vloten" sedert 1785 is
aanwezig.
XVI. Barend Hendrik van Ketwic h,
geboren te Opheusden 13 en aldaar gedoopt 19 November 1786, overleden te
Schagen, N.-Holland, 24 Augustus 1819, huwt l°. te Schagen 14 van Louwmaand
1810 met Apolina Zip, geboren te Schagen 1 Januari 1787) overleden aldaar 22
Februari 1814, dochter van Hendrik Zip en Antje de Vries. Uit dit huwelijk geen
kinderen; 2°. te Schagen 13 November 1814 met Aagt Streeck, geboren te Schagen
10 Juli 1793, overleden te Schagen 1 Juli 1851, dochter van JanStreeck en
Neeltje Roggeveen. Uit dit huwelijk geen kinderen.
XVII. Cornelis van Ketwich (a),
geboren te Opheusden, gemeente Kesteren, 19 Augustus en gedoopt 7 September
1788, overleden te Bloemendaal nabij Haarlem 19 Augustus 1841, huwt 1°. te
Amsterdam 30 Juli 1824 met Maria Huurkamp van der Vinne (b), geboren te Haarlem
in Maart 1789, overleden te Amsterdam 24 November 1826, dochter van Vincent
Huurkamp van der Vinne (c) en Hendrika Schierhout (d). Uit dit huwelijk:
Geertruida Hendrika, geboren te Amsterdam 3 Juni 1825 en overleden aldaar 21
November 1825; 2°. te. Haarlem 30 Juli 1829 met Anna Margaretha Huurkamp van
der Vinne, geboren te Haarlem 12 Januari 1788, overleden aldaar 8 Mei 1862,
zuster van Maria Huurkamp van der Vinne. Uit dit huwelijk geen kinderen.
(a) Hij was lid van het te
Amsterdam gevestigde handelskantoor "Ketwich en Voombergh" (zie nº.
VII, XII en XIX.) en wonde op de Keizersgracht aldaar. Hij woonde
later te Haarlem, Gierstraat, wijk 4, n°. 822, en des zomers te Bloemendaal,
zijn weduwe bewoonde het buitenverblijf "Bellevue" genaamd en gelegen aan het
Zuiderspaarne. Hij ondertrouwde 10 Mei 1816 te Amsterdam met Sara Frederika
Elisabeth Tra-kranen, geboren 11 Augustus 1788, dochter van Benjamin en E. F.
Rutgers, die bruid zijnde 15 Augustus 1816 te Amsterdam overleed. Eene zuster
dezer bruid, Johanna Huberta, was in 1809 met Albert Voomberg gehuwd, haar
breeder Isaäc, gehuwd met S. C. Veeckens, had een zoon Frederik van Taack
Tra-kranen geboren 11Juni 1815, die mede-chef van het kantoor "Ketwich en
Voombergh" was.
(b) Zij was weduwe
van Johannes Hendrik Hanius, koopman, wonende Heerengracht bij de Vijzelstraat
te Amsterdam en aldaar overleden. Eene dochter uit dit huwelijk: Johanna
Cornelia Appolonia, geboren te Amsterdam 9 September 1815 is te Haarlem 13 Juli
1835 ongehuwd overleden. Maria Huurkamp van der Vinne is 29 November 1826 in de
Nieuwe Kerk te Amsterdam, in den familiegrafkelder F 367, begraven. Haar
breeder Dr. Vincentius Huurkamp van der Vinne, med. doctor te Haarlem, was in
1829 student aan de Hoogeschool te Leiden en huwde Christina Jacoba van den
Bosch.
(c)
Hij had een groote weverij te Haarlem.
De familie Van der Vinne is een oud
Haarlemsch geslacht. Vincent van der Vinne was in 1623 een leerling van Frans
Hals. (Biografisch Woordenboek van der Aa.) Jan van der Vinne, geboren te
Haarlem 1663 en overleden 1721, was een bekend schilder. In 1735 studeerden aan
de Hoogeschool te Leiden Laurentius van der Vinne, Harlemensis en in
1799 Arend Huurkamp van der Vinne.
.
(d) Hendrika Schierhout was
de dochter van Arent Schierhout, gemeensman te Zwolle, en Margaritha Hulsebosch
en is aldaar gedoopt 25 Maart 1750.
XVIII. Johannes van Ketwich (a)
geboren te Opheusden 28 April 1790, overleden te Zwolle 25 April 1842, gehuwd
te Zwolle 28 Mei 1813 met Gezina Berendina Zebinden (b), geboren te Zwolle 14
Maart 1795, overleden aldaar 19 Maart 1871. dochter van Christiaan Jan,
burgemeester van Zaik, en Geertruida Berhardina Hartman. Uit dit huwelijk: 1.
Geertruida Diderica, geboren te Zwolle 7 Mei 1814 en overleden 31 Juli 1814; 2.
Christina Johanna, geboren a.v. 5 Augustus 1815 en overleden 10 Januari 1817;
3. Didericus, geboren a. v. 8 October 1816 (Volgt XX.); 4. Frederik, geboren a.
v. 8 October 1816 (Volgt XXI.); 5. Christiaan Jan, geboren a. v. 25 Februari
1818 (Volgt XXII.); 6. Jan Adriaan, geboren a.v. 15 Augustus 1821 (Volgt
XXIII.); 7. Bernard Zeno, geboren a.v. 28 September 1828 en aldaar 6 Februari
1859 ongehuwd overleden.
(a) Met zijn breeder
Hermanus Didericus zette hij de handelszaak "het kantoor van negotie" van hun
grootvader Berend Hendrik en van hun oom Frederik te Zwolle voort, krachtens
Acte van Compagnieschap van 1 Januari 1815. Hij is begraven ophet Nieuwe
Kerkhof in den familiegrafkelder.
(b) Christiaan Jan Zebinden was
geboren te Zwolle 21 April 1750 en overleed aldaar 9 Juli 1829. Hij was
burgemeester van Zaik en wijnkooper en woonde aan de Melkmarkt te Zwolle, hij
was achtereenvolgens gemeensman, lid der Municipaliteit, kapitein bij de
Burger-brigade, verwalterscholtus van Zwollerkerspel en suppliant-rechter.
Zijne ouders waren Jacobus Sebastiaan Zebinden, geboren 17 April 1705 te Bern,
overleden te Zwolle 24 April 1758, commies bij de gecommitteerde Raden van de
Admiraliteit in West-Friesland en 't Noorderkwartier en Gesiena Catarina
Lambert, weduwe van den luitenant Theodorus van den Berg h. overleden te Zwolle
27 Maart 1798- Hij huwde te
Zwolle 23 September 1793 met
Geertruida Bernhardina Hartman, geboren te Zaik 8 November 1769, overleden te
Zwolle 7 Januari 1815, dochter van Zeno Wolf Hartman, scholtus van Zaik en
Vercaten, overleden te Zwolle 22 Juni 1804 en Berendina Nieuwenhuis, overleden
te Zaik 12 Januari 1794- Hunne kinderen waren: 1. Geziena Berendina, geboren te
Zwolle 14 Maart 1795 (voormeld); 2. Geertruida Hillegonda, geboren te Zwolle 9
Maart 1797 en aldaar overleden 2 Juli 1873. Zij huwt 13 April 1815 te Zwolle
Mr. Lambertus Johannes Rietberg, rechter in de rechtbank van eersten aanleg te
Zwolle en lid van de Provinciale Staten van Overijssel, overleden te Zwolle 21
Juni 1856. Kinderen o.a.: a. Mr. Lambertus Johannes, geboren te Zwolle 5
Januari 1824 en aldaar overleden 6 Juni 1883, kantonrechter te Zwolle, huwt 24
April 1861 met Elise Henriëtte Tieleman, zij hadden een zoon en
eene dochter; b. Geertruida Bernhardina, geboren te Zwolle 18 September 1820,
huwt aldaar 27 October 1853 met Jonkheer Gerrit van Haeften, ontvanger der
directe belastingen, overleden te Zwolle 13 Maart 1876, zij hadden drie
dochters; c. Johanna Hillegonda, geboren te Zwolle 2 December 1826, huwt aldaar
16 Juli 1851 met Mr. Epke van Heloma, griffier bij't Gerechtshof te
's-Hertogenbosch, zij hebben een zoon en eene dochter. 3. Jacoba Catharina,
geboren te Zwolle 1 April 1800, overleden aldaar g Augustus 1803; 4. Christina
Johanna, geboren te Zwolle 25 December 1802, huwt in 1844 met Gerrit Baggerman,
zij overleed op het buitenverblijf "den Helmhorst" onder Zwollerkerspel 15
October 1883 en hij 16 Juli 1865. Hun eenig kind Martinus
Johannes, geboren te Delft 16
Augustus 1845, nam krachtens Koainklijk Besluit van 25 Mei 1867 den familienaam
Zebinden bij den zijnen aan, hij huwt 15 Mei 1874 te Amsterdam met Maria
Elisabeth Tolsma, uit dit huwelijk .zijn twee zoons geboren. 5. Lambertus
Theodorus, geboren te Zwolle 20 December 1809, overleed aldaar 18 Januari 1886,
wethouder der gemeente Zwollekerspel, dijkgraaf van het VIIe dijks-district in
Overijssel, bewoonde het buitenverblijf "de Celhorst", gelegen onder de
buurtschap Berkum in Zwollerkerspel. In diens nalatenschap bevonden zich tal
van teekeningen, schetsen en schilderijen, afkomstig van Gerhard ter Borch, aan
welk geslacht, alsook aan dat van Voet en Nijlant, de Zebindens verwant waren.
Gerhard ter Borch was 1607-1655 licentmeester; hij was een zeer goed schilder
en bezocht Rome, Napels en Bordeaux. Van het geslacht Ter Borch zijn o. a. nog
bekend Geert ter Borch in 1445 ingeschreven in de Sint Anthony broederschap te
Zwolle; Gert ter Borch in 1505 gemeensman in de Voorstraat te Zwolle; Gerhard
ter Borch in 1580 schepen en cameraar te Zwolle, deze studeerde in 1568 aan de
Hoogeschool te Marburg.
XIX. Hermanus Didericus van
Ketwich (a), geboren te Opheusden 26 December 1791, gedoopt aldaar 15 Januari
1792, overleden te Zwolle 22 Maart 1851, gehuwd te Amsterdam 12 Juli 1815 met
Catharina Elisabeth van Monnom (b), geboren te Amsterdam 23 Juni 1796,
overleden te Zwolle 17 April 1843, dochter van Jan Daniel van Monnom en
Elisabeth Asschenberg. Uit dit huweliik: 1. Geertruida Diderica, geboren te
Zwolle 11 April 1816 en overleden aldaar ongehuwd 19 Januari 1861 (c); 2.
Elisabeth Johanna, geboren a. v. 27 Augustus 1817, gehuwd aldaar 7 October 1852
met Dr. Gerardus Willem Alexander Plaat, med. doctor te Leiden en overleed
kinderloos te 's-Gravenhage 11 Januari 1886 (d); 3. JanDirk, geboren a. v. 15
Juli 1819 (Volgt XXIV.); 4. Jan Daniel, geboren a. v. 10 Maart 1821 en overleed
ongehuwd te Leiden 8 Februari 1844 (e); 5. Sara Cornelia, geboren a. v. 17 Juli
1822 en overleden ongehuwd te Haarlem 8 Mei 1883 (f); 6. Antonia Johanna,
geboren a. v. 6 Mei 1824, overleed ongehuwd te Haarlem 7 Mei 1885 (f); 7. Alida
Johanna Hillegonda, geboren a. v. 6 Februari 1826, overleed ongehuwd te Leiden
l September 1859 (g); 8. Herman, geboren a. v. 4 uni 1827 (Volgt XXV.); 9.
Maria Catharina, geboren a. v. 6 Juni 1829 en overleed aldaar ongehuwd 29 Mei
1885 (h); 10. Barend Hendrik Cornelis, geboren a. v. 11 Mei 1831, overleden
aldaar 5 Juni 1832 en begraven in den grafkelder, dieE. J. van Ketwich in 1829
liet metselen op het Nieuwe Kerkhof te Zwolle en 8 Juni 1830 is overgebracht op
naam van H. D. van Ketwich; 11. Anna Margaretha Cornelia, geboren a. v. 29
Januari 1833, overleden te Haarlem 1 Maart 1879 (i); 12. Abraham, ontijdig
geboren a. v. 12 October en overleden aldaar 13 October 1835; 13. Willem
Hendrik, geboren a. v. 3 Mei 1837 en ongehuwd overleden te Leiden 18 Juni 1866
(k); 14. Bartha Johanna, geboren a. v. 11 December 1840, gehuwd te Haarlem 19
Juli 1872 met Dr. Jacob Verdam, hoogleeraar te Leiden (l).
(a) Hij sloeg het aanbod om
deelgenoot van het handelshuis "Ketwich en Voombergh" te Amsterdam te worden
van de hand. (Zie XII, noot a en XV, noot a.) Hij en zijn broeder Johannes van
Ketwich zetten de handelszaak van hun grootvader Berend Hendrik van Ketwich en
hun oom Frederik van Ketwich te Zwolle voort, krachtens Acte van Compagnieschap
van 1 Januari 1815. Hij was lid van het armbestuurder Hervormde Gemeente en
regent van het Huis der Weezen te Zwolle.
(b) Hare grootouders
van vaderszijde waren: Barend van Monnom, overleden vóór 1790 en Anthonia
Heremans, overleden te Amsterdam 3 Juli 1801. Deze hadden tot kinderen: 1°.
Berta Johanna van Monnom, ongehuwd overleden te Amsterdam 20 December 1820; 2°.
Johanna Cornelia, gehuwd met Daniel Koop; en 3°. Jan Daniel van Monnom
voornoemd, deze is gedoopt te Amsterdam in de Amstelkerk 25 Juli 1762, was
makelaaraldaar, overleden aldaar 5 Juli 1801 en is 10 Juli d. a. v. begraven in
de Oude Kerk.graf C, nº. 201; hij huwde 13 April 1790 in de Oude Kerk te
Amsterdam en woonde Nieuwe Heerengracht tegenover de Plantage. Hare grootouders
van moederszijde waren: Aart Asschenberg en Catharina Spruytenburgh, beiden
overleden vóór 1790. De familie Asschenberg van Monnom is verwant aan de
Amsterdamsche familie Van Noord Borski. Het geslacht Asschenberg is van
Duitsche afkomst. Bernhard Asschenberg is 21 Mei 1611 gedeputeerde van wege de
stad Norden in de Landes-Ständen van Oost-Friesland. In 1612 is hij notaris en
secretaris der stad Embden. Jan Hendrik Herman Asschenberg, zoon van den
koopman Hendrik Asschenberg en van Helena Hackman, geboren 21 Mei 1792, neef
van Catharina Elisabeth van
Monnom is Garde d'honneur uit het
Departement der Zuiderzee. Nicolaas en Gijsbert Asschenberg, beiden van
Amsterdam, studeeren respectievelijk in 1765 en 1786 in de rechtsgeleerdheid
aan de Hoogeschool te Leiden.
(c) Zij woonde met
hare zusters Maria Catharina, Anna Margaretha Cornelia en Bartha Johanna te
zamen te Zwolle.
(d) Zij is begraven op de
begraafplaats "Eik en Duinen" onder de gemeente Loosduinen (Graf nº.
876). Dr. Gerardus Willem Alexander Plaat, med. doctor te Leiden, is
aldaar geboren 11 Augustus 1818, overleden aldaar 5 Maart 1874 en begraven in
het familiegraf op de Nieuwe begraafplaats te Leiden n°. 421. Hij
promoveerde aan de Hoogeschool te Leiden in de Medische wetenschap 14 September
1843. Zijne ouders waren: Dr. Gerardus Plaat, med. docter te Leiden, geboren te
's-Gravenhage 21 Mei 1783, gepromoveerd in de Geneeskunde aan de Hoogeschool te
Leiden, president van de commissie van Geneeskundig Toevoorzicht, en aldaar
overleden 31 Januari 1852, hij was gehuwd 7 October 1814 te Leiden met Maria
van Oyen, geboren te Leiden 8 December 1790 en overleden aldaar 24 October
1850. Zijne grootouders van vaderszijde waren: Christiaan Plaat,
directeur der landsdrukkerij te 's-Gravenhage, geboren aldaar 20 April 1753 en
aldaar overleden 29 Juni 1798, gehuwd te 's-Gravenhage 14 Maart 1780 met Maria
Reytenbach, gedoopt te 's-Gravenhage 24 October 1762, dochter van Gerardus
Reytenbach en Francina Alsche, wonende te 's-Gravenhage.3
Zijne gfootouders van
moederszijde waren : Cornelis Jan van Oyen, overleden te Leiden 1798, lid van
het Committe van Assignaten aldaar en Johanna Catharina Londonck, overleden
aldaar in 1801. Zijne breeders en zusters zijn: 1. Maria Gerarda, geboren te
Leiden 21 Augustus 1815, overleden te Hoogmade 28 Augustus 1859, gehuwd met
Cornelis Jan Badon van den Berg, predikant aldaar en kinderloos overleden 12
Mei 1882; 2. Elisabeth Christina Johanna, geboren te Leiden 5 Juni 1822 en
overleden aldaar 14 Mei 1881; 3. Paulina Petronella Constantia, geboren te
Leiden 31 October 1824. Het geslacht Plaat is o.a. verwant aan de familiën
Grinwis, Stakman Bosse, Van Willigen, Liernur, Schorer, Berkhout en
Reigersberg.
In 1725 studeerde aan de
Hoogeschol te Leiden Casparus Plaat, geboren in 1705.
(e) Hij studeerde in de H.
Godgeleerdheid aan de Hoogeschool te Leiden, overleed aldaar ten huize van zijn
oom Mr. Jan Verschuur.
(f) Zij en hare zuster Antonia
Johanna zijn, na overlijden van Cornelis van Ketwich, komen wonen bij diens
weduwe, hare tante.
(g) Zij woonde bij hare tante
Alida Johanna van Ketwich te Leiden, Papengracht, zie XIII, n° 6.
(h) Zie noot c.
(i) Zie noot c. In November
1862 is zij met hare zuster Bartha Johanna uit Zwolle vertrokken en met hare
zusters Sara Cornelia en Anthonia Johanna te Haarlem gaan wonen.
(k) Hij studeerde in de H.
Godgeleerdheid aan de Hooeeschool te Leiden, sedert September 1853. Op 23
November 1859 legde hij het candidaatsexamen af. Hij was borstlijder en bracht
meerdere jaren te Rome en Napels door.
(l) Zie noot c en i.
Jacob Verdam, geboren te Amsterdam 22 Januari 1845, studeerde aan de
Hoogeschool te Leiden in de letteren; zijne ouders waren: Hendrik Verdam,
koopman en M. Parson; zijn grootouders Jacob Verdam, burgemeester van Mijdrecht
en diens 2e vrouw Geertruid van Wieringen. Zijn neef Dr. G. J. Verdam was in
1867 hoogleeraar in de wis- en natuurkunde te Leiden. Hij was hoogleeraar in de
letteren aan de gemeentelijke Universiteit te Amsterdam en is bij Koninkl.
Besluit van 16 Juli 1891 benoemd tot hoogleeraar in de faculteit der letteren
en wijsbegeerte aan de Rijks-Universiteit te Leiden, ter vervanging van Dr.
Matthijs de Vries.
Hunne kinderen zijn : Geertruida
Adriana Elise, geboren te Leiden 26 Januari 1874. Herman Dirk, geboren a.v. 15
Mei 1876. Catharina Elisabeth, geboren a.v. 5 November 1877. Anna Margaretha
Cornelia, geboren te Amsterdam 12 Augustus 1879. Bertha Johanna, geboren te
Amsterdam 7 April 1881. Sara Ermina Sophia, geboren te Amsterdam 1 April 1884.
De familie naam "Verdam" komt o.a. voor in het geslachtsregister der familie
Toe Laer (1890, pag. 12.).
XX. Didericus van Ketwich (a)
geboren te Zwolle 8 October 1816, overleden te Nieuwer-Amstel 13 November 1889,
gehuwd te Middelburg 13 Juli 1849 met Maria Cornelia Muntendam (b), geboren te
Middelburg 23 October 1816, overleden te Nieuwer-Amstel 19 Maart 1895, dochter
van Nicolaas Theodora Muntendam, kantonrechter te Middelburg en Maria
Wilhelmina van der Horst Serlé. Uit dit huwelijk: 1. Johannes Frederik, geboren
te Amsterdam 3 Juli 185o (Volgt XXVI.); 2. Maria Wilhelmina, geboren a.v. 25
October 1854, overleden te Schoonhoven 16 November 1884 (c); Alida Margaretha
Geertruida, geboren a.v. 29 Januari 1857 (d); 4. Esther Petronella, geboren
a.v. 20 November 1862, overleden te Nieuwediep 26 Mei 1891 (e).
(a) Hij woonde te Amsterdam als
oud-gezagvoerder ter Koopvaardij. In 1870 werd hij benoeind tot directeur van
het Zeemanshuis aldaar, waarvan hij sedert 1857 secretaris wiis. Hij was van
Rijkswege mede-belast met het toezicht op den uit- en doorvoer van landverhuizers,
trad zeer veel op als arbiter in zee-zaken, gaf mede den eersten stoot aan de
tot standkoming van het Noordzee-kanaal en was voorzitter van het Collegie tot
zedelijke verbetering van gevangenen te Amsterdam.
(b) Het
geslacht Muntendam is verwant aan dat van Voombergh en Van Geuns te
Amsterdam. Haar vader nam ook een tijd lang de betrekking van post-directeur te
Middelburg waar.
(c) Zij huwde 6 Juli
1876 te Amsterdam met Sebastiaan Eliza van Nooten, zoon van Sebastiaan Eliz a,
ridder in de orde van Oranje-Nassau en uitgever, en Wilhelmina Ulriche Roldanus
en stierf te Schoonhoven 8 Mei 1884. Hij was de kleinzoon van S. van Nooten,
notaris te Soesterberg. Hunne kinderen zijn: 1. Sebastiaan Elisa, geboren te
Schoonhoven 8 Mei 1877; 2- Maria Cornelia, geboren a.v. 20 October 1878; 3.
Cornelia Wilhelmina Ulriche, geboren a.v 30 Mei 1880; 4. Johanna Hermina,
geboren a.v. 8 November 1884. (Zie over de tamilie Van Nooten: Stam- en
Wapenboek van aanzienlijke Nederl. familign, II, biz. 382.)
(d) Zij huwde 15 November
1883 te Amsterdam met Jacobus Jan Doijer, zoon van Assueris Doijer en Catherine
Margarita Madelaine Lamaison te Zwolle, dit huwelijk bleef kinderloos en is
door echtscheiding ontbonden.
(e) Zij huwde 27 Februari
i890 te Amsterdam met den luitenant ter zee 2e kl Gustaaf Adolf de Cocq,
geboren te 's-Gravenhage 30 November 1858, zoon van Cornelis, overleden te
's-Gravenhage 26 September 1889 en van Rosina Susanna Wolfson, te 's-Gravenhage
wonende. Zij overleed korten tijd na de geboorte van een kind Rosina Susanna,
geboren te Nieuwediep io Mei 1891,
XXI. Frederik van Ketwich (a),
geboren te Zwolle 8 October 1816, overleden te Leiden 14 Februari 1893, gehuwd
te Padang 14 Februari 1856 met Cornelia Swerver, geboren te Vlieland 28 October
1821, dochter van Gerrit Jacob Swerver (b) en Aafke Douwes Visscher. Uit dit
huwelijk : 1.Johannes Berend Diderik, geboren te Padang 11 November 1856 (volgt
XXVII.); 2. Afina Johanna Cornelia, geboren te Zwolle 29 October 1858 (c).
(a) In 1861
luitenant-kolonel der infanterie en militaire kommandant van Palembang.
In 1864 verkreeg hij op verzoek eervol ontslag uit 's lands dienst met
dankbetuiging voor den lande bewezen diensten en ging in 1880 te Leiden wonen,
alwaar hij onder meer lid was van het bestuur voor de Kweekschool voor
zeevaart.
(b) Gerrit Jacob S w e r ve
r, woonde het laatst te den Helder; geboren te Vlieland 28 December 1767)
overleden te Zijpe (N.-Holland) 25 October 1841, was ingenieur bij 's Rijks
Waterstaat. Aafke DouwesVisscher is geboren te Vlieland 26 November 1780,
overleed te Zijpe 23 Maart 1844. Nog waren kinderen van G. J. Swerver en A. D.
Visscher: 1. A. Swerver te Leiden; 2. I. Swerver, gehuwdmet Dr. J. C. Heyning.
(c) Zij huwde te Leiden 7 Mei
1885 met Dr. Combertus Pieter Burger, med. doctor te Rotterdam, zoon van Dr. D.
Burger en van Anthonia Jacoba Ockers Cau. Hij overleed 2 Maart 1892,
kinderloos.
XXII. Dr. Christiaan Jan van
Ketwich (a), geboren te Zwolle 25 Maart 1818, huwt 1°. te Leiden 18 April 1845
met Margaretha Johanna Petronella van Hengel, geboren te Amsterdam 5 Mei 1818,
overleden kinderloos te Schoonhoven 19 April 1860, dochter van Dr. W. A. van
Hengel, hoogleeraar in de godgeleerdheid te Leiden en M. M. Hupe; 2°. Te Leiden
23 September 1863 met Alida Hagen (b), geboren te Amsterdam 19 Februari 1833,
overleden kinderloos te Leiden 17 Febrnari 1888, dochter van Jacobus Hagen,
koopman te Amsterdam en G. Kluivers.
(a) Hij studeerde 1836,
legde het candidaatsexamen in de letteren af en promoveerde publice in de
godgeleerdheid aan de Hoogeschool te Leiden, werd beroepen tot predikant in
1845 te Zandpoort, in 1849 te Schoonhoven en namin l878emeritaat, waarna hil
zich te Leiden vestiede. alwaar hii onder meer was voorzitter-regent van het
Burger weeshuis en voorzitter der commissie van opper-toezicht en beheer over
de kweekschool voor zeevaart, in welke hoedanigheid hij bij H. M. Besluit van
17 Mei 1895 tot ridder in de orde van Oranje-Nassau is benoemd, secretaris der
Gustaaf-Adolf Vereeniging. In April 1896 is hij ter zake van zijne verdiensten
als hoofdbestuurder der Ned. Gustaf-Adolf Vereeniging door den hertog van
Luxemburg benoemd tot ridder in de burgerlijke en militaire orde van "Adolf van
Nassau".
(b) Haar broeder Dr.
H. G. Hagen is een zeer bekend predikant te Leiden.
XXIII. Dr. Jan Adriaan van
Ketwich Verschuur (a), geboren te Zwolle 15 Augustus 1821, overleden te
Deventer 6 Juli 1882, gehuwd te Alkmaar 26 Juli 1849 met Rolanda Hermina
Cornelia van VIoten, geboren te Alkmaar 16 Maart 1828, overleden kinderloos te
Deventer 8 November 1885, dochter van Arend van Vloten, predikant te Alkmaar,
en van Gerhardina Susanna Maria van Ketwich (b).
(a) Hij en zijn neef Mr. Jan Dirk
van Ketwich (n°. XXIV.) werden sedert 1830 opgevoed ten huize van hun oom Mr.
Jan Verschuur, schepen en officier van Justitie te Leiden, wiens echt met
Geertruida Hillegonda van Ketwich kinderloos bleefen hebben diens geslachtsnaam
bij den hunnen gevoegd, krachtens Kon. Besluit van 17 Juli 1836, n°. 97.
Hij werd in 1840 student der Medische Faculteit aan de Hooeschool te Leiden en
promoveerde op 20 September 1847, waarna hij een wetenschappelijke reis maakte
naar Parijs en Weenen. Hij vestigde zich in 1848 te Baarn en vertrok in 1856
naar Deventer;, hij was aldaar onder meer secretaris, van het Geneeskundig
Staatstoezicht in Overijssel en Drenthe, districtsschoolopziener en curator van
het Gymnasium. In 1870 had hij de praktijk nedergelegd.
(b) Zie volgnummer XV, sub
c.
GESLACHT VERSCHUUR.
Wapen: In zilver 3 muizen van
zwart 2 en 1. Helmteeken: een muis.
Hendrik Verschuur, geboren ±
1670, woont in 1723 (n°. XIII, noot d en e.) te Utrecht, huwt ± 1692 Johanna
van Doesburgh, geboren ± 1672. Uit dit huwelijk: l. Johanna, geboren ± 1693
(a); 2. Everardus, geboren ± 1695, overleden te Utrecht 1 November 1749 (b),
huwde 22 October 1735 te Utrecht Maria de l'Abbe (c), weduwe van Adrianus van
Papendorp, overleden' te Utrecht 25 December 1734, dochter van Johan de l'Abbe
en Susanna Kramer. (Maria de l'Abbe werd geboren in 1699 en overleed te
Amsterdam 22 Augustus 1762.) Uit dit huwelijk: Joannes, geboren te Utrecht 13
September 1738, overleden te Leiden 14 Juli 1806 (d), huwt. 14 Mei 1764 te
Amsterdam met Maria de Vries (e), geboren te Amsterdam 1734, dochter van
Reyndert de Vries en Geertrui Sloterdijck en overleden te Leiden 1808. Uit dit
huwelijk: 1. Geertrui Cornelia, geboren te Amsterdam in 1766 en ongehuwd
overleden te Leiden 19 Februari 1834; 2. Jan, geboren te Amsterdam 29 September
1768, overleden te Leiden 4 November 1835 (f), huwt 29 Maart 1808 met Geer t ruida
Hillegonda van Ketwich, dochter van Derk van Ketwich en Geertruida Hillegonda
van Papendorp, geboren te Kamperveen 30 Augustus, gedoopt 4 September 1785,
destijds wonende op de Keizersgracht te Amsterdam en overleden te Leiden 30
November 1853. Dit huwelijk was kinderloos.
(a) Zij huwt Hendrik Dinghman.
(b) Zij woonden in 1749
inde Voorstraat bij de Witte Vrouwenbrug te Utrecht. Hij is op 1 November 1749
met 8 dragers in de Catharinakerkte Utrecht begraven. Huwelijksvoorvyaarden te
Utrecht 13 October 1735. Zij trouwden in de kerk der
Sint-Nicolaas-Parochie. Het was een gemengd huwelijk (hij was Protestant
en zij Oud-Roomsch), en is deswege op 8 October 1735 voor het stedelijk bestuur
te Utrecht voltrokken, waarbij de verklaring is afgelegd dat de kinderen in de
gereformeerde godsdienst zouden worden opgeleid. (Cf. gemeentearchief te
Utrecht.)
(c) Maria de l'Abbé (zie XIII,
noot d.), was in 1729 te Utrecht gehuwd met Adrianus van Papendorp en had tot
kinderen uit dit huwelijk: 1°. Cornelis Johannes, 17 Juni 1753 te Amsterdam
gehuwd met Hillegonda de Vries, wier dochter Geertruyda Hillegonda 10 November
1784 huwde met Dirk van Ketwich; 2°. Johannes Fransiscus en Kristophorus. (zie
XIII.)
(d) Hij studeerde in de
medicijnen te Leiden sedert 11 September 1761 en promoveerde aldaar 11 Mei
1764. Hij was praktiseerend geneesheer te Amsterdam. In 1781 vertrokken zij
naar Leiden, alwaar hij zich geheel aan de letterkunde ging wijden, liet zich
nog in 1781 (42 jaar oud) als student in de letteren inschrijven en hield
College. Hij was een van diegenen, die den dichter Mr. W. Bilderdijk finantieel
steunden; een door dezen dichter eigenhandig geschreven lijkdicht op Dr. J.
Verschuur en enkele brieven o. a. Gedateerd Brunswijk den 16 May 1803 zijn in
het familiearchief aanwezig.
(e) Zie ad Derk vanKetwich n°.
XIII hare zuster Hillegonda, geboren te Amsterdam 1727, huwde aldaar 17 Juni
1753 met Cornelis van Papendorp, wier dochter Geertruida Hillegonda 10 November
1784 huwde met Derk van Ketwich.
(f) Hij werd student in 1786 en
promoveerde 11 Februari 1794 in de rechtsgeleerdheid aan de Universiteit te
Leiden. In 1809 was hij schepen der stad Leiden, in 1812 rechter in de
schepenbank, daarna is hij benoemd tot substituut-officier van Justitie en bij
Kon. Besluit van 18 Februari 1827 n°. 114 tot officier van Justitie aldaar en
als zoodanig eervol ontslagen bij Kon. Besluit 27 September 1828, n°. 109. Bij
zijn dood was hij nog lid van den raad der stad Leiden. Zij woondente Leiden in
de Breedstraat hoek Boomgaardensteeg Wijk 4 n°. 276. Zij werden bijgezet in den
familiegrafkelder op de stedelijke begraafplaats aan de Groenesteeg te Leiden.
Van het geslacht Verschuur zijn
nog bekend:
1. Joost Verschuur is 11 Juni
1666 capiteyn van "de Jaarsvelt". De "Jaarsvelt" had 46 stukken en 230 koppen,
w. o. 30 soldaten. De Ruyter, A. J. van Nes en C. Tromp stonden aan 't hoofd
der 1e en 3e eskaders; het 2e eskader, waartoe "de Jaarsvelt" behoorde en welk
schip aan de O. I. Compagnie toebehoorde, stond onder de luitenant-admiralen
Cornelis Evertsz en Tjerk Hiddes de Vries. Het streed in den 4-daagschen
Zeeslag, 11 - 14 Juni 1666, in den 2e Engelschen oorlog. 2. Henricus Verschuur,
geboren 1695 te Gorcum, is student in de rechten te Leiden 1715; 3.
Hubertus Verschuur, geboren 1699 te Amersfoort, studeert in 1719 in de
medicijnen te Leiden; 3. Dr. Petrus Verschuur, predikant te Vlissingen, huwt
1730 Petronella Hasevoet; 4. Johannes Verschuur, luitenant bij het voetvolk,
huwt 8 Januari 1738 te Hulst met Susanna Chaylon; 5. Gerardus Verschuur, kapitein
bij het voetvolk, in garnizoen te Hulst, huwt aldaar Sara Maria de la Rocque in
1741 en hertrouwt 19 September 1760 aldaar met Judith Adriana Thierry; 6. Mr.
Pieter BrunoVerschuur, in 1753 secretaris van Hoorn ; 7. Mr. Francois Adriaan
Verschuur, in 1771 burgemeester van Hoorn. In 't familiearchief Van Ketwich
Verschuur is aanwezig een uitvoerige geslachtslijst der familie Van Papendorp
sedert 1660, Verschuur sedert 1670, De Vries sedert 1700.
XXIV. Mr. Jan Dirk van Ketwich
Verschuur (a), geboren te Zwolle 25 Juli 1819, overleden aldaar 29 Juli 1887,
gehuwd te Zwolle 18 Augustus 1845 met Alberta Alijda Luttenberg (b), geboren te
Zwolle 17 Mei 1820, overleden aldaar 10 October 1900, dochter van Gerrit
Luttenberg, overleden te Zwolle 12 Maart 1847 en Alida Hendrika Cavalier,
overleden aldaar 13 December 1871. Uit dit huwelijk: 1. Herman Dirk, geboren te
Zwolle 7 Augustus 1846 (volgt XXVIII.); 2. Gerrit Hendrik, geboren a. v. 19
September 1848 (volgt XXIX.)
(a) Hij en zijn neef Jan Adriaan
van Ketwich, werden sedert 1827 opgevoed ten huize van hun oom Mr. Jan
Verschuur te Leiden hierboven genoemd en hebben diens geslachtsnaam bij de
hunne gevoegd, krachtens Kon. Besluit van 17 Juli 1836 n°. 97. Hij promoveerde
aan de Hoogeschool te Leiden in de rechtsgeleerdheid 30 Juni 1843 en vestigde
zich als advocaat te Zwolle. Hij had een omvangrijke praktijk, was tal van
jaren lid van den Raad en wethouder der gemeente Zwolle, deken der orde van
advocaten aldaar en rechtsgeleerd lid van den Geneeskundigen Raad in Overijssel
en Drenthe. Hij woonde in de Nieuwstraat en sedert 1870 aan den
Stationsweg te Zwolle.
(b) Zij bezocht de kostschool der
Evangelische Broeder- en Zuster-gemeente te Zeist. Gerrit Lutten berg, haar
vader, had tot ouders Derk en Alberta Meyners, gehuwd 27 October 1788 in de
Fransche Kerk te Zwolle en totgrootouders: Teunis Luttenberg, geboren ± 1730,
overleden 5 Maart 1789 en Geertruida ter Stege, overleden 2 Augustus 1762,
beide te Zwolle, wier kinderen waren: Herman, Aleyda en Derk voornoemd.
Hare ouders waren te Zwolle gehuwd 16 Juni 1819; haar vader Gerrit Luttenberg
is bij Kon. Besluit, Brussel 17 November 1822 benoemd tot procureur bij de
rechtbank van eersten aanleg te Zwolle, in 1832 tot secretaris der stad Zwolle,
bij Kon. Besluit van 15 September 1839 tot procuieur bij
hetprovinciaalgerechtshof in Overijssel en de arrondissements-rechtbank te
Zwolle, hij was ridder in de orde van den Ned. Leeuw, lid van de Algemeene
Synodale Commissie der Hervormde, Kerk in Nederland, bestuurslid van het Huis der
Weezen, directeur-inede-oprichter met Mr. B. W. A. E. baron Sloet tot Oldhuis
en Mr. I. A. Van Royen, der Overijsselsche Vereeniging tot ontwikkeling van
Provinciale Welvaart, enz. Zijn portret bevindt zich op het Museum van de
Vereeniging voor Overijsselsch Recht en Geschiedenis te Zwolle. Familiegraf te
Zwolle, vak H., letter B. 4., Op de Nieuwe Begraafplaats. Zijn (Gerrit's)
broeder was Hermanns Luttenberg, geboren te Zwolle 8 Maart 1803, overleden te
Zwolle 30 Januari 1880, commies ter stedeliike secretarie. resent van het Huis
der Weezen. gehuwd met Geertruida Johanna dVries te Zwolle op 17 Juni
1824- Kinderen: Derk, geboren 5 December 1825, Hendrika Klasina, geboren
7 November 1826, overleden 16 April 1847 en Gerrit Wiechert, geboren 15 April
1829. Hendrik Luttenberg te Zwolle, oom van Gerrit Luttenberg, gehuwd met Maria
Agnes Walmeyer, (overleden te Zwolle 30 Juli 1787) komt voor in een verlijbrief
door Reynout Joseph Lipperus van het Stift Essen in Overijssel d.d. Zwolle 12
Augustus 1751 en in een Charter van 't Archief Burchklooster te Zwolle n°. 33
d.d. 29 Juni 1750 als leenman van de abdis van Essen.
Haar moeder Alida Hendrica
Cavalier, geboren te Amsterdam 19 September 17941 was de dochter van Goosen
Cavalier, koopman, geboren te Amsterdam 1765 en overleden te Zwolle 2 October
1832 en Alyda Doekscheer, geboren te Amsterdam 1766 en overleden te Zwolle 2
April 1832. Petrus Cavalier van Amsterdam is in 1684 student aan de Hoogeschool
te Leiden. Hare zuster en breeder waren: 1. Hendrika Gozina, geboren te Zwolle
20 Augustus 1821; 2. Mr. Derk Jan Casper, geboren a.v. 20 Januari 1823,
studeerde aan de Hoogeschool te Leiden in de rechtsgeleerdheid en promoveerde
21 Mei 1821.5, advocaat bij het gerechtshof (prov.) in Overijssel, vervolgens
adsistent-president, daarna secretaris van den gouverneur-generaal ter kust van
Guinea en overleden op het kasteel St. George d'Elmina aldaar io Februari 1849.
Zijn natuurlijke erkende dochter Antoinetta Jacoba Luttenberg is te Elmina
geboren en overleden aldaar 1 Augustus 1849; 3. George Gerrit, geboren te
Zwolle 8 November 1825, gezagvoerder ter koopvaardij, overleed 8 Februari 1861
aanboord van het barkschip "Herman" nabij St. Helena en 28 Juni 1861 te den
Helder (N.-Holland) begraven; hij was in Maart 1860 te Amsterdam gehuwd met
Maria Elisabeth Krohn, geboren 1821 en overleden aldaar 23 Augustus 1887,
zonder kinderen na te laten; 4- Maria Jacoba, geboren te Zwolle 22 September
1827 en overleden te Keulen 16 Juli 1875; gehuwd te Amsterdam 5 September 1850
met Doctor Juris en Justizrath Heinrich Florenz Hermann August Bessel, geboren
te Kleef 8 Januari 1823, Rechtsanwalt am Rheinischen Appellations-Gerichtshofe,
overleden te Keulen 6 April 1891, zoon van Carl Moritz Bessel, geboren te
Minden 16 Januari 1783, president van het Landgericht te Kleef, overleden
aldaar 3 Augustus 1874 en Aletta Wintgens, geboren te Duisburg io Februari
1794, overleden te Carlsruhe 11 Augustus 1859. Diens breeder Friedrich
Wilhelm Bessel was professor in de astromomie aan de Hoogeschool te Konigsberg,
overleden aldaar 14 Maart 1846, deze was peter van eendoor hem ontdekt
hemellichaam, beiden waren de zoons van Carl Friedrich Bessel, Kanziei-director
en Justizrath, overleden te Paderborn 1828 en Hermina Schrader, overleden 1814.
Hare kinderen zijn: 1. Doctor Juris Amtsgerichtsrath Carl Wilhelm August
Bessel, geboren te Keulen 30 November 1852, studeerde in de rechtsgeleerdheid
te Freiburg, Heidelberg en Bonn, Amtsrichter te Metz; 2. Wilhelm Moritz Bessel,
geboren te Keulen 29 September 1854, overleden te Berlijn 3 Maart 1891, gehuwd
met Helena Schlosza, overleden aldaar 6 September 1889, uit welk huwelijk eene
dochter Elfriede, geboren te Zittau 1 December 1881. Aanwezig is een
fragment-genealogie van de familie Bessel van af 1650: 5, Gerrit geboren te
Zwolle 14 April 1829, makelaar te Rotterdam, later directeur-generaal in
Nederland der Levensverzekering-Maatschappij "Germania", gevestigd te Stettin,
wonende te Amsterdam en aldaar overleden 19 April 1896. Oorspronkelijk opgeleid
voor ingenieur, studeerde hij te Delft, is daarna met zijn broeder Willem
makelaar te Rotterdam; 6. Willem, geboren te Zwolle 22 October 1832, makelaar
te Rotterdam en overleden te Napels 29 Januari 1871. Het familiegraf Luttenberg
bevindt zich in de Groote Kerk te Zwolle, en sedert 1837 op de Algemeene
Begraafplaats, vak H., letter B., n°. 4.
XXV. Herman van Ketwich (a),
geboren te Zwolle 4 Juni 1827, overleden te Brussel 17 October 1898. Huwt 1°.
te Leiden 13 September 1867 met Jacqueline Wilhelmina Marciana Virginie de Sturler
(c), geboren te Batavia 7 April 1836, dochter van Willem Louis de Sturler, gep.
majoor der Genie en Adriana Ripperdina van Royen, wonende te Leiden. Uit dit
huwelijk: Dirk Louis, geboren te Sanaarang 17 Februari 1868; 2°. te Amsterdam
16 December 1886 met Maria Mannoury, weduwe van Gerrit Vermeulen. Kinderen: 1.
Daniel, geboren te Makassar 9 Augustus 1864 (volgt XXX.); 2. Willem, geboren
aldaar 21 Juni 1865 (b).
(a) Hij studeerde aan de
Polytechnische school te Delft, was na zijne promotie werkzaam als ingenieur
bij de Overijsselsche Kanaalmaatschappij en werd in Juli 1855 benoemd tot
ingenieur bij 's Rijks openbare werken in Nederlandsch Indië, welken dienst hij
als hoofd-ingenieur met pensioen verliet en waarna hij zich te Amsterdam
vestigde.
(b) Hij en zijn broeder Daniel
zijn beide opgevoed door en ten huize van hunne tantes Sara Cornelia, Antonia
Johanna en Anna Margaretha Cornelia van Ketwich te Haarlem.
(c) Hare zuster Jacoba de Sturler
was gehuwd met Mr. C. Asser, in leven hoogleeraar bij de faculteit der
rechtsgeleerdheid aan de Hoogeschool te Leiden.
XXVI. Johannes Frederik van
Ketwich (a), geboren te Amsterdam 3 Juni 1850, gehuwd te Dieren 9 Maart 1876
met Maria Gerardina Aletta Engelberts, geboren te Amsterdam 26 Mei 1854,
dochter van Willem Jodocus Matthias Engelberts (b) en Gerardina Sneer. Uit dit huwelijk: 1. Maria Cornelia (c), geboren te
Borne 6 April 1877; 2. Albertina Francisca Johanna, geboren a.v. 27 December
1878; 3. Elisabeth Marie, geboren a.v. 4 uli
1880; 4. Didericus, geboren te Hengeloo (Overijssel) 5 November 1881 en
overleden aldaar 3 December d. a.v.; 5. Didericus, geboren te Hengeloo 11
December 1882; 6. Jacob Hendrik, geboren te Hengeloo 6 Maart 1887.
(a) Makelaar te Amsterdam,
directeur der Amsterdamsche Voorschot-bank.
(b) Hij was oud-inspecteur van 's
Rijks Museum te. Amsterdam, vrijwillige jager onder Van Dam in den Belgischen
opstand van 1830, ridder van het Metalen Kruis en is overleden te Diren. (Zie
Stam- en Wapenboek van aanzienlijke Nederl. familien dl. I, pag. 245.)
(c) Gehuwd 10 Mei 1900 te
Amsterdam met Mr. Dr. Mattheus Gerrit ten Cate, geboren te Hengeloo, advocaat
en procureur aldaar. Hij promoveerde 4 April 1898 te Amsterdam in de rechts- en
in de staatswetenschap, zoon van Hendrik ten Gate, fabrikant te Hengelo en
Hermina Stenvers.
XXVII. Johannes Berend Diderik
van Ketwich (a), geboren te Padang 11 November 1856, gehuwd te Tandjong-Modjo
(Patti) 28 December 1887 met Henriette Augustine van Waesberge, geboren 22 Juni
1870, dochter van Dr. W. H. van Waesberge, med. doctor en M. Wener te Samarang
(Patti). Uit dit huwelijk zijn geen kinderen geboren.
(a) In 1896 is hij inspecteur der
Suiker-Cultuurmaatschappij der Vorstenlanden te Djocjocarta en woont te Solo.
XXVIII. Mr. Herman Dirk van
Ketwich Verschuur(a), geboren te Zwolle 7 Augustus 1846, gehuwd te Nijmegen 24
Juli 1874 met Maria Scheers (b), geboren te Nijmegen 21 Maart 1853, dochter van
Dr. Jan Herman Adriaan Scheers en Cornelia Reyers (c). Uit dit huwelijk: I. Jan
Dirk, geboren te Appingadam 30 Maart 1877 (d); 2. Cornelia, geboren te
Leeuwarden 18 September 1886.
(a) Hij studeerde in de
Rechtsgeleerdheid aan de Hoogeschool te Leiden en promoveerdu aldaar 13
November 1869. Hij is sedert 13 Juni 1890 raadsheer in het Gerechtshof te
Leeuwarden en tevens lid van den Gemeenteraad, schoolopziener in het
arrondissement Harlingen, president van het bestuur over de St. Anthony
Gasthuizen, voorzitter van de commissie van toezicht op het Lager Onderwijs,
enz.
(b) Dr. Jan Herman Adriaan
Scheers, tot 1870 med. doctor te Nijmegen, geboren aldaar, 13 April 1823,
studeerde te Leiden, gehuwd te Arnhem 6 Juni 1850 en overleden op den huize
"Andelshof" te Hees bij Nijmegen 18 September 1878, was de eenige zoon van Dr.
Pieter Steffanus Scheers, med. doctor, officier in de orde van de Eikenkroon,
overleden te Nijmegen 15 September 1866 en Maria Verheijen, overleden te
Nijmegen 2 Januari 1833. De eenige broeder van Maria Scheers is Mr. Pieter
Steffanus Scheers, geboren te Nijmegen 19 Februari 1857, gepromoveerd in de
rechtsgeleerdheid aan de Hoogeschool te Leiden, 28 November 1883 te Nijmegen
gehuwd met Petronella Hendrika Tulleken, geboren te Nijmegen 29 December 1862,
dochter van Johan Burchard A dolf Tulleken, heer van Rijswijk, overleden te
Nijmegen 12 Januari 1879 en Geertruida Wilhtelmina Noorduyn aldaar. Zie over
het geslacht Scheers en de aanverwante geslachten Everwijn en Van Harencarspel,
Stam- en Wapenboek van Aanzienlijke Nederlandsche Geslachten, deel III, pag.
221, deel II, pag. 9 en 10 en deel I, pag. 260; en over het geslacht Tulleken:
"De Veluwsche familie Tulleken en hare anverwanten", door Ds. J. Anspach.
(c) Cornelia Reyers, geboren te
Arnhem 16 Februari 1830, is dochter van Zeger Reinier Alardus Reyers,
wijnkooper, overleden te Arnhem 7 November 1835 en Maria van Embden, overleden
te Arnhem 4 Januari 1874 en de kleindochter van Hendrik Hermanns Reyers,
wijnkooper te Arnhem en Cornelia van Beest, en van Jan van Embden, burgemeester
van Didam en Sibilla Mos. Een fragment-genealogie van het geslacht Reyers, aanvangend
1711, is in het familie-archief Van
Ketwich aanwezig.
(d) Hij overleed te Leeuwarden 5
Juli 1896.
XXIX. Mr. Gerrit Hendrik van
Ketwich Verschuur(a), geboren te Zwolle 19
September 1848, overieden aldaar
30 Maart 1883, 's avonds omstreeks 7 uur, gehuwd te Nijmegen 19 September 1873
met Petronella Helena Everarda van Voorthuysen, geboren te Nijmegen 17 Juli
1849, overleden te Zwolle 30 Maart 1883, 's namiddags omstreeks 2 uur, dochter
van Evert Pijnappel van Voorthuysen (b) en Petronella Helena van Sorgen (b*).
Uit dit huwelijk: 1. Bertha Helena, geboren te Zwolle 3 Juli 1874 (c); 2. Evert
Jan, geboren alsvoor 5 Juni 1875 en overleden aldaar 3 October 1875; 3. Jan
Dirk, geboren alsvoren 1 Januari 1877 (d); 4. Evert, geboren a. v. 23 Februari
1879 (e).
(a) Hij promoveerde in de
rechtsgeleerdheid aan de Universiteit te Leiden 8 Maart 1871, werd advocaat te
Zwolle en is benoemd tot procureur aldaar 12 Juni 1876. Hij was onder meer
plaatsvervangend kantonrechter, auditeur van den schuttersraad en lid van den gemeenteraad
te Zwolle.
(b) Evert Pijnappel van
Voorthuysen is geboren te Vreeland 16 April 1805, predikant te Nijmegen en
overleden als emeritus op de villa "Wolfsheuvel" te Berg en Dal bij Nijmegen 15
Juni 1882. Zijne ouders waren. Willem van Voorthuysen, geboren te Amsterdam 23
April 1777, overleden te Utrecht 27 Maart 1833, geluwd te Nieuwveen 14 December
1803 met Elisabeth Pijnappel, geboren te Amsterdam 18 Juni 1785 en
overleden te Vreeland 17 April 1805. Een geslachtslijst van de familie Van
Voorthuysen is in 't familie-archief van Ketwich Verschuur aanwezig.
(b*) Petronella Helena van
Sorgen, is geboren te Utrecht 23 September 1808, gehuwd aldaar 20 November 1829
en overleden te Nijmegen 28 Maart 1878; hare ouders waren: Willem George
Frederik, geboren te Utrecht 27 Juli 1781, overleden aldaar 17 Januari 184.7)
gehuwd te Utrecht 27 October 1807 met Adriana Maria du Marchie Servaas, geboren
te Utrecht 20 November 1786 en overleden aldaar 6 December 1856. Hunne kinderen
zijn: 1. Wilhelmina Elisabeth Petronella, geboren te Leersum 8 Novtember 1830 ;
2. Dr. Wiliem George Frederik, geboren te Leersum 15 Maart 1832, overleden te
Voorburg 13 November 1881, predikant aldaar, gehuwd 16 October 1856 met
Petronella Cornelia Pleyte, geboren te Hillegorn 5 Mei 1834, dochter van
Cornelis Marinus Pleyte, predikant te Loenen en van Gezina Maria Cornelia van
Voorthuysen, 8 kinderen; 3. Willem, geboren te Leersum 5 Maart 1833, overleden
te Oudshoorn 23 Juli 1894, gehuwd 4 Juli 1856 met Johanna Susanna Catharina
Maria Anna Saueressig, geboren te Leerdam 19 September 1833, overleden te
Utrecht 4 Maart 1895, dochter van Johan Daniel Saueressig, ontvanger der
directe belastingen, oud-officier der infanterie, ridder der Militaire
Willemsorde, en van Johanna Maria Knijff, 10 kinderen; 4. Adriaan Marius,
geboren te Leersum 18 April 1834, predikant te Leersum tot 1783, later
districts-schoolopziener te Nijmegen en lid van den gemeenteraad aldaar,
officier in de orde van Oranje-Nassau, gehuwd 13 September 1866 met Alida
Adriana Jacoba Alsche, geboren te 's-Gravenhage 28 Februari 1836, dochter van
Mr. Adam George Camillus Alsche, officier van justitie te 's-Gravenhage, ridder
in de orde van den Nederlandschen Leeuw, officier van die der Eikenkroon en van
Louise Jeanne de Bordes, geen kinderen; 5. Coenrada Margaretha Ida, geboren te
Nijmegen 6 October 1835, overleden te Arnhem 18 Mei 1888, gehuwd 6 Juli 1870
met Mr. Jacobus Johannes Smits, rechter in de arrondissements rechtbank te
Arnhem, geboren te Nijmegen 22 November 1828, zoon van Mr. Dirk Smits, advocaat
en procureur te Nijmegen en van Christina Hendrina Dronsberg, twee dochters; 6.
Maria Aegidia Johanna, geboren te Nijmegen 25 Juni 1837; 7. Gesina Maria
Cornelia, geboren te Nijmegen 19 Juni 1839, gehuwd 14 Augustus 1867 met Jan Matthijs
Noorduijn, geboren te Nijmegen 21 Januari 1835, bankier aldaar, zoon van
Arnoldus Noorduyn, bankier te Nijmegen en van Petronella Frederica Johanna van
Guericke, drie dochters; 8. Petronella Helena Everarda, gehuwd met Mr. G. H.
Van Ketwich Verschuur (n°. XXIX.). (Zie Stam- en Wapenboek van aanz. Nederl.
familien dl. III, blz. 166 en 381 in fine.)
(c) Zij huwt te Nijmegen 17
September 1897 met Mr. Hendrikus Wilhelmus Methorst, secretaris van het
Centraal Bureau voor de statistiek te 's-Gravenhage, geboren te Amersfoort 22
Maart 1868. Uit dit huwelijk is 28 Mei 1899 te 's-Gravenhage geboren Helena
Henriette. Hij is de zoon van Pieter Methorst, kassier te Amersfoort
aldaar geboren 30 Maart 1832 en Henriette Wilhelmina Steinbeeck, geboren te s-Hertogenbosch
2 Juni 1833.
(d, Hij bezocht het
Gymnasium te Leeuwarden en studeert aan de Hoogeschool te Leiden sedert
September 1896.
(e) Hij bezocht het
Gymnasium te Nijmegen en studeert aan de Hoogeschool te Leiden sedert September
1897.
XXX. Daniel van Ketwich (a),
geboren te Makassar g Augustus 1864, gehuwd te Amsterdam 3oAugustus....met
Adriana Hermina Kroese, geboren te Nederhorst den Berg 15 April 1859, dochter
van Antonie Kroese, zonder beroep en Maria Clara Petronella George, wonende te
Nieuwer-Amstel. Uit dit huwelijk: 1. Willem Herman, geboren te Gennep 13
October 1896; 2. Bertha Johanna, geboren te Gennep 31 December 1897
(a) Hij studeerde aan de
Polytechnische school te Delft en is na zijne promotie ingenieur bij de
Maatschappij tot Exploitatie van Staats-Spoorwegen.
ZES BIJLAGEN
behoorende bij I. b.
Bijlage I. Sabbati 24 Augusti
1639. Stattholder Fransiscus Moselage, Cornoten Peter Cloeck, Joes Wisselinck.
Erschenen Henrick Ketwich, voor sich, und als man und mumbarzijner huijsfrouwen
Enneken Lobeken daervoor: und mede de rato cavierende voor Jan, Gerrit,
Lisabeth und Fijken Lobek sijner huijsfrouwen broedere und sustere. Voorts
Henrick ten Hagen voor sich und mede als man vnd member van Engelken Lobeken
sijner huijsfrouwen daervoor de rato cavierende. Rudolph Theben als
neffens Gerrit Sossfeldt mombar van Merriken vnd Berndt Lobeck, nagelaten
minderjarige kinderen van Bernt Lobeck. Jacob Wijcharts als man und mombar
syner huysfrouwen Enneken Lobeken, voorts sie Comparant voorss semptlicken cavierende
voor Gerrit Sunssfeldt, als man vnd mombar Aelken Lobeken, vnd Jan Tiekinck als
man vnd mumbar van Lissbert Lobeken, vnd Jan Oinck, genant Janknecht, voor
sich, die bekanden respective allet voor sich, haren vnd mede gecavierden
erven, vnd in 'qualiteitvoorss voor eene wisibetaelte summa geldes deren sie
sich vnd in 'qualiteit vorss: goed vollenkomener betalongh bedanckteil, en
rechtes, steden, ewig vnd onwedderroeplicken erffkoops overgelaten vnd verkofft
te hebben, averliet vnd verkoftten hiermit vnd in kraftt deses den Edien
Ernvesten Diederich van Rhemen ten Cortenhorn & c. Juffer Anna van
Hettershei, Eheluiden, vnd haer Ederven eene originele in pergamen
Rentverschryvongh in dato sestijn hondert viertijn den achten Novemb: sprekende
op Junker Jurgen van Diepenbroeck tott Tenkinck ter summen van vierhondert
dall. Capitaell Bocholtsher Wehrungh oder Bocholdts Landtgerichts vnd getes van
Diepenbroecks ingesegele vnd des Secretary Raesfeldts handt. vnd zedert het
jaer sestynhondert soeven vnd twintich versetener pension deses gecediert vnd
vthgegaen, daerop mit hant, halm vnd monde verteg, wahrshap vnd vestniss
gelaeftt. Inholts der originall vershryvongh sender exception vnd argelist.
Bijlage II. Lunae, 30 January
1643. Stattholder Franc. Moselage, Cornoten Peter Cloeck, Joes Wisselinck.
Erschenen Henrich van Ketwich, Enneken Lobeken, Eheluide, voort Jan Lobeck,
voor Sich Geessken Voss sijner huysfrouwen, daervoor de rato cavierende, Gerrit
Lobeeck, Voorts Henrick van Ketwich en Jan Lobeeck voorss: in nahmenenals
Volmechtigere Albert Bungart ende Arent te Cohaus, als bestedigte Voermundere
van z. Henrick Lobeken en Grietken Snoeklaken ehel: nagelatene onmondige
kinder. So noch tegenwoordich minderiarigh, naemptlick Lisabeth en Fyken
Lobeken, daervan genoechsame volmacht voor Ditterich ten Deelen en Bernt
Ribbers, als schepenen der Stadt Bocholdt en onder g Stadt ingesegell in dato
den dertichsten January St: no : deses jaers onder des Secretarii Gerh. Braemen
handt, voorbrachte &c. Die bekanden inqualiteit voorss. voor sich haren
huysfrouwen erven en onmondig gesusteren en deren erven, voor een walbetaelte
summa geldes, rechtes steden, ewig vnd onwederroiplicken erffkoops avergelaten
en verkofft tehebben an Henrick ten Hagen, Engelken Lobeken eheluijden en haren
erven, het halve erff en goet Reinerdinck, sampt daartoe gehoerende Cauenstede,
daervan koepere die ander heiffte toestendich, in den Kerspel Aalten, Buerschap
Iserloe, in vordere bepalong gelegen, mitt desselven olde vnd nije toebehoer
vnd gerechtigheit, voor doorslechtig kummerfry, vht bescheiden daeruth gaende
gewontlicke olde beswaer &c deses gecediert vnd vhtgegaen, daerop mit hant
halm vnd monde vertegen, wahrschap verner vnd beter verschrijvongh vnd vestnis
gelaeftt nae Landtrechte, by veronderpandongh barer comparant goederen sond.
Exception vnd argelist.
Bijlage III en IV. Martis 23
Julij An° 1616. Stathold Joes ter Woert, Cornot Johan ten Berge, Henrick
Menekinck Erschenen Sweder ter Woert, die bekande voer sich vnd sijnen erven,
voer eine walbetaelte summa geldes, rechtes steden ewig vnd onwedderroeplich
erffkoips auergelat vnd verkaft toe hebben Henrich Lobeck, borgem. der stad
Bocholdt Merrijken, eheluid vnd haren eruen, enen originale renthverschrijvongh
van vier de half mold-rogg' vnd vierdehaiff mir boeckweitten Wenterswicksch
maten, jaerlicks op St. Martini vth den urve vnd guedt Bernshet gefestet,
tsamen mit twee hondert dall. Hollandtsch valuation toe loesen, in dato den
10 January A° 1610 vnder die hande vnd in namen der Edle Ehre vnd
doegentlijcken Jouff Johanna van Scheuen, wedtwen von Diepenbroeck toe Tenkinck
sampt haer E. kind-Jor Rudolph vnd Anna Willem von Diepenbroeck gepassiert, vnd
daerop in dato den 6 Junij A° 1611 erfolgte gerichtlicke approbation vnd
verschrijvongh derseluer renthen vth die erven vnd guederen Maes vnd Goerkinck,
sampt deser Renten wegen den 27 Juny naestleden erholden gerichtlick verwin mit
denseluen alinge inholt, deses erfflick gecediert vnd vthgegaen, daerop mit
hand, halm vnd monde vertegen, waerschap, vnd vestniss gelaefft in heltz der
originalen verschryvonge vnd verwins. Sond exceptien vud argelist.
IV. Mercurie 10 Aprilis 1622.
Erschenen Coenert ten Westendorp, Berntken Bowmans, eheluyde, die bekanden voer
sich vnd haren eruen, voer enne wolbetaelte somma geldes rechtes, steden, enich
vnd onwedderroplich erff kops auergelaten vnd verkafft toe hebben Henrich
Lobeck, borgermeister der stadt Bocholdt, Merrijken eheluiden, vnd haren eruen,
haer verkopere erff vnd guet Westendorp, alsoe datselve in den Kerspel Aelten,
buerschap Iserloe mit eener sijdt negst Rengerdinck ( : koperen toestendich:)
mitter and-sijdt tusschen Albertsz guet henin, in syner verner vohr vnd
bepalung gelegen, mit eenen ende ant Boessfelt, mitten anderen ende ant Vehn
oder Gemeinte schietende mit syn olde vnd nye toebehoer vnd gerechticheit, voer
allodiaal doerslechtich kummerfry erff vnd guet uth bescheiden den Graven thoe
Bronckhorst vyff schepell Roggen thenden. It Juncher Merfelt vijffte haiff
schepell rogg thende vnd bloedig thenden, den huise Bredeforth een schepel
zuhthaver vnd een hoen jaerlicse sampt gewoontlicken dienst vnd Gertken ten
Westendarp haer levenlanck (: vnd langer niet:) een molder roggen vnd een
mold-boeckweittz jaerlicx alles vnd jedes vgts Aeltenscher maten, deses
gecediert und vth gegaen, daerop mit hant, halm vnd mond vertegn, waerschap
beter verschryvong vnd vestniss gelaefft nae Landtrechte. By veronderpanding
aller haren verkoperen iegenwerdich vnd toekompstig", gereiden vnd
ongereiden guederen, sonder inrede vnd argelist.
A° 1639 d 5 Jan. bekande Henrick
ten Hag, als erffg. van Zd Lobeck dat herndesesomme betaelt Ergo Vacat.
Bijiage V. Veneris 6 Mai 1631.
Stadtholder PeterCloeck, Coeniot Rudolph Theben Johan Wisselinck. Erschenen
Henrich Smit vnd bekande schuldich tho sijti Gerrit Lobeck, borgerm. der stadt
Doetinchem, die somme van soeuentich gulden vijftien stuuer. Gelaeffde die
selve binnen een vierdell jaerss a dato deses toe betalen. Bij veronderpandung
sijner gueder, vnd peen van reale vnd parate execute sonder exceptio vnd
argelist.
Bijiage VI. Den 31 Xb' 1692.
Coram de Richter Schrikhart ad referendum aennemende sulx aen de R. Tengbergen
bekent to macken Br Frans Bosboom Willem Hillebrant en Daniel Piscator
schepenen. Erschenen Henr. van Ketwich en constitueerde mits desen Gerhart en
Anton van Hengel der rechten DDren om uyt constituents naem soo samt als
senders, alhier off elders, in der goede off dooi middelen rechtens over
uytstaende praeterisien, tarn active quam passive te eysschen, te doen off te
procedeeren, 't geene der sacken noodurfit magh vereyschen, geloovende 't selve
voor valide ende van waerden, en de geconstitueerden, soo samt als senders,
schaadloos te houden, ondei verbant als rechtens daerop handttastinge gedaen
mits desen.
Den 7 9ber 1693. Coram beyde
richteren P. H. Schukhart en Johann Tengbergen, Br Frans Bosboom en Willem van
Lennip Scheepenen. Dr Hengel volmr van Henrick Ketwick, achtervolgens de
versryvinge bij comprt principaelen op den I4 Marty 1679 voor de capitaele
summa van 125 g'erholden, versocht summatie weete aen Jan Borrgreven, als mann
ende mombair syner huysvrouw Derxken Lowick, om binnen rq daeg ab insuniatione
betaelinge te mogen hebben van glte summa, immers den interresse vandhien ter
goeder reekening a mora; ofi dat andersins daervoor cum expensis thuys en de
hoft, soo sy bewoonen en gebruiken, alhier in ter Borg staende, en daerbuyt
kenniich gelegen, nae den inhoudt der glt versryvinge daervoor soil geexuteerd
worden ende vercocht worden. Fiat weete.
BIJLAGE
Behoorende bij IV. a.
Anno 1668 - 15 October.
lck Johan Adolf von Grothaus zur
Behr und Resenburg, Ritter van Sand Johan, Rittmeister over eine Compagnie zu
pferde zu dienst deze Hoch mogenden Herren Staten-generaal der Vereenigde
Nederlanden unter dem Regements dess Herr Colonels Baudewin van Soetlandt Thue
kundt und bezeuge kraft dieses vor jeder maniglicher dasz vorzeiger dieses, der
sehr achtbahr und wohl erfahrer meister Berhart von Ketwich, burtigvon
Boeckholt, die zeit von dreij jahren unter meinen Compagnei gedient, und sich
im wehrent der zeit in allen vorgefallenen Curen und sonst seinen an befohlenen
affairen wie einer Ehr und kunstliebenden Chirurgo gebuhret und woll austhehet
Vorfallen, dasz ich und meine nach gesetste officiren wie auch die ganze compagnij
ein saltsahmes genugen daran gehabt und haben k6nnen, hette ihm euch unter
meinum Commando und dienst noch gerne leiden und haben mogen. All dierweill
aber hochgedachte hochmogende herm Staten beschlossen einige solcher ihren
kriegsdiensten zu eriassen halt solches meine Compagneij mitt betroffen.
Also habe vorgemelten Mr.
Bernhardten Ketwich seines ehr und loblichen verhaltens wegen dieses
testimonium und pasport zu ertheilen nicht weigeren konnen sondern ihm geben
mussen.
Belanget dieses halben an alle
und jede wersz Standes oder qualitat Die auch sein mogen Mein respective
unterdienst, dienst und freundlich ersuchen ob angereglen Mr. Bernharten van
Ketwich zu erlassen und landen nicht allein freij sicher und ungeheindert pas
und repassiren zu lassen sondern Ihm auch allen guten willen und befordering zu
thuen welches Ich umb einem Jeden nach Standesgebuhr zu verdienen und zu
verschulden Erbitig bin. Zur wahrheit uhrkundt habe ich dieses eigenhantlich
unterschrieben und mit meinen angebohmen Adlichen petschaft bekraftiget. So
geschehen.
Zwolle den 15 Octobr Anno 1668.
(Get.) J. A. Grothauss. --------------------------------------------------------------------------------
1 De namen zijn hier opgenomen,
zooals die in de archiefstukken letterlijk voorkomen.
2 De g en ch worden in fine van
een woord dikwijis uitgesproken als k en ck.
3 Zie de gen. Plaat in het Alg.
Ned. Familiebl. 1885, bl. 103.
|